Uitspraak
RAAD VAN BEROEP
Op het hoger beroep van:
[appellant],
29 januari 2018, AUA201701389 (aangevallen uitspraak), in het geding tussen:
de Gouverneur van Aruba,
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
bevestigtde aangevallen uitspraak.
Raad van Beroep in Ambtenarenzaken van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
Appellant, een ambtenaar bevorderd tot accountant 1ste klasse, verzocht meerdere malen om een gratificatie vanwege het behalen van een Master of Science in Accounting diploma. Geïntimeerde, het bevoegd gezag, wees dit verzoek af met het argument dat appellant reeds door zijn bevordering was beloond, waardoor toekenning van een gratificatie een dubbele beloning zou zijn.
Het Gerecht in Ambtenarenzaken verklaarde het bezwaar van appellant ongegrond, waarna appellant hoger beroep instelde bij de Raad van Beroep. De Raad overwoog dat het toekennen van een gratificatie een discretionaire bevoegdheid is, die slechts terughoudend getoetst kan worden. De toetsing beperkt zich tot de vraag of het bevoegd gezag redelijk heeft gehandeld.
De Raad concludeerde dat appellant pas vanaf november 2011 bevorderd had kunnen worden op grond van de geldende bezoldigingsregeling, terwijl hij reeds per 1 september 2009 was bevorderd. Het beroep op het gelijkheidsbeginsel faalde omdat een collega met een andere opleiding en kortere periode tussen bevordering en opleiding wel een gratificatie ontving. De Raad bevestigde de aangevallen uitspraak en wees het hoger beroep af.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de afwijzing van het gratificatieverzoek wordt bevestigd.