ECLI:NL:ORBAACM:2022:104
Raad van Beroep in Ambtenarenzaken van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
- Hoger beroep
- H.A.A.G. Vermeulen
- J. Sybesma
- A.H.M. van de Leur
- Rechtspraak.nl
Bevordering afgewezen na vervallen functie; nieuwe beslissing vereist
Appellante is sinds 1997 in overheidsdienst en was bevorderd tot klerk schaal 3. De functie medewerker data-entry, die zij bekleedde, is per 1 maart 2014 komen te vervallen. Appellante verrichtte daarna werkzaamheden die zwaarder waren dan haar vroegere functie, waaronder kassierswerkzaamheden waarvoor zij een toelage ontving. In 2019 verzocht zij om bevordering naar klerk 1ste klas schaal 4, maar dit verzoek werd door de gouverneur afgewezen. Het Gerecht in Ambtenarenzaken verklaarde het bezwaar ongegrond en baseerde dit op het feit dat appellante niet was benoemd in een andere functie en dat de kassiersfunctie niet als formele functie gold.
In hoger beroep stelde appellante dat zij onterecht was benadeeld doordat zij niet was geplaatst in een andere functie, terwijl collega’s dat wel waren. De Raad van Beroep constateerde dat appellante niet in de kassiersfunctie was benoemd en dat het beroep op het gelijkheidsbeginsel niet slaagde omdat situaties niet vergelijkbaar waren. Wel stelde de Raad vast dat appellante sinds het vervallen van haar functie werkzaamheden verrichtte die een bevordering naar schaal 4 rechtvaardigen.
De Raad oordeelde dat het niet toewijzen van bevordering sinds 2014 onaanvaardbaar is en stelde de datum van aanspraak op bevordering vast op 1 januari 2019. De eerdere uitspraak en de beslissing van de gouverneur werden vernietigd. De gouverneur wordt opgedragen een nieuwe beslissing te nemen en wordt veroordeeld tot betaling van proceskosten aan appellante.
Uitkomst: De Raad van Beroep vernietigt de eerdere uitspraak en beslissing en beveelt een nieuwe beslissing op het verzoek om bevordering.