Conclusie
jegens elkanderin het leven te roepen. Dit zou het merkwaardige gevolg hebben dat een partij wellicht zijn rechten uit deze ‘’overeenkomst’’ zou kunnen overdragen of – zelfs tegen een contraprestatie – van die rechten afstand zou kunnen doen, een handelwijze die van iemand die als volksvertegenwoordiger in aanmerking komt m.i. toch zeker onzedelijk zou zijn. Zou een gelijke afspraak zijn gemaakt tussen elke candidaat afzonderlijk en de candidaatstellende organisatie, dan zou ik hierover anders oordelen. Wel te verstaan in de m.i. niet houdbare veronderstelling dat de overeenkomst niet reeds op artikel 14 van Pro de Wet houdende Algemene Bepalingen van het Koninkrijk zou afstuiten. Overigens zou ook een afspraak tussen de candidaten en de candidaatstellende organisatie m.i. onzedelijk kunnen zijn, bijv. als zij voor de kiezers geheim zou worden gehouden of de invloed van de kiezers meer zou beperken dan de Kieswet reeds doet. Beide was hier echter waarschijnlijk (in het Roermondse geval: stellig) niet het geval.