Conclusie
De feiten en het geschil.
Behandeling in enkelvoudige kamer.
De van belang zijnde bepalingen.
De grondwet(tekst 1983)
Handvest van de Verenigde Naties(aanvaard op 26 juni 1945, goedgekeurd bij Wet van 8 nov. 1945, Stb. F 235, bekend gemaakt bij K.B. van 21 december 1945, Stb. F 321), hierna: het Handvest.
Universele verklaring van de rechten van de mens(Nederlandse tekst, zoals gepubliceerd in Trb. 1969, 99 blz. 113, aanvaard op 10 december 1948).
Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden(Trb. 1951, 154, goedgekeurd bij Wet van 28 juli 1954, Stb. 335, hierna Verdrag van Rome).
Internationaal Verdrag inzake burgerrechten en politieke rechten(Nederlandse tekst, Trb. 1978, 177, goedgekeurd bij Wet van 24 november 1978, Stb. 1978, 624, hierna: Verdrag van New York).
WARB
De openbaarheid van vonnissen in het algemeen.
De Grondwet
De litteratuur
De jurisprudentie
Eigen standpunt
ontbreekt. Toch zijn er goede gronden om de bestaande bepalingen te zien als symptomen van een algemeen, aan de rechtsstaat inherent principe (t.w. dat van het recht op behoorlijke rechtspraak, M.) ...’’
mens- daartoe uitdrukkelijk de wens te kennen geeft. Naar mijn mening moet de wet een dergelijke uitzondering mogelijk maken en wel voor wat betreft de behandeling eventueel - overeenkomstig de Verdragen van Rome en New York - geclausuleerd maar voor wat betreft de uitspraak - eveneens overeenkomstig de genoemde Verdragen en art. 121 Gw Pro. - ongeclausuleerd.
ongevraagd- in strijd met artikel 18 WARB Pro - zijn uitspraak in het openbaar had moeten doen en uit de processtukken niet blijkt dat belanghebbende een daartoe strekkend verzoek heeft gedaan, heeft het Hof m.i. in het onderhavige geval het recht niet geschonden.
Conclusie.