ECLI:NL:PHR:2000:AA7285
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Ontbinding arbeidsovereenkomst wegens ziekte en niet-naleving controlevoorschriften zonder reïntegratieplan
In deze zaak heeft ING Bank N.V. de arbeidsovereenkomst met haar werknemer ontbonden wegens herhaaldelijk niet naleven van ziekteverzuimvoorschriften en een vermoedelijk alcoholprobleem. De werknemer had zich ziek gemeld maar weigerde mee te werken aan controle en reïntegratie, waardoor een reïntegratieplan niet kon worden opgesteld. De kantonrechter verklaarde het verzoek ontvankelijk en ontbond de arbeidsovereenkomst, ondanks het ontbreken van een reïntegratieplan. De werknemer stelde dat dit onrechtmatig was en dat hij niet ontvankelijk was in hoger beroep omdat hij niet correct was opgeroepen voor de zitting.
De rechtbank verklaarde het hoger beroep ontvankelijk en oordeelde dat de kantonrechter het fundamentele rechtsbeginsel van hoor en wederhoor had geschonden door de werknemer slechts per gewone post op te roepen, wat onvoldoende zekerheid bood dat hij de oproep had ontvangen. De rechtbank vernietigde de beschikking van de kantonrechter en ontbond de arbeidsovereenkomst alsnog zonder vergoeding.
In cassatie stond centraal of het ontbreken van een reïntegratieplan bij ziekte van de werknemer leidt tot niet-ontvankelijkheid van het ontbindingsverzoek. De Hoge Raad bevestigde dat de wetgever het hoger beroep tegen een ontvankelijkheidsbeslissing heeft uitgesloten en dat dit ook geldt als het ontbreken van het reïntegratieplan evident onjuist is. De Hoge Raad oordeelde dat in gevallen waarin de werknemer zich aan controle onttrekt en het onduidelijk is of hij ziek is, het ontbreken van een reïntegratieplan de ontvankelijkheid van het verzoek niet in de weg staat. De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde de eerdere beslissingen.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen; de arbeidsovereenkomst wordt ontbonden ondanks het ontbreken van een reïntegratieplan.