ECLI:NL:PHR:2000:AA8200
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt arrest wegens onvoldoende motivering vertrouwensbeginsel bij vervolging coffeeshophouder
De verdachte werd door het hof Arnhem veroordeeld voor het opzettelijk in strijd handelen met artikel 3, eerste lid, onder C van de Opiumwet door het bezit van hennep en hasj. De verdediging voerde aan dat het Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk moest worden verklaard wegens schending van het vertrouwensbeginsel, omdat de verdachte zich aan het landelijke gedoogbeleid hield en zijn coffeeshop sinds december 1996 ongehinderd exploiteerde.
Het hof verwierp dit verweer omdat er geen landelijk gedoogbeleid bestaat en het lokale driehoeksoverleg in Kampen een nul-optie zou hebben gekozen, waardoor strafrechtelijke vervolging mogelijk is. De verdediging betwistte echter dat dit beleid bekend was gemaakt en dat er sprake was van een nul-optie in Kampen.
De Hoge Raad oordeelt dat het hof onvoldoende heeft gemotiveerd waarom het vertrouwensbeginsel niet van toepassing zou zijn, vooral omdat niet is vastgesteld of de coffeeshop reeds bestond ten tijde van de keuze voor de nul-optie. Hierdoor kan het vertrouwen van de verdachte dat hij niet strafrechtelijk vervolgd zou worden, niet zonder meer worden uitgesloten. Het middel is gegrond verklaard, het arrest vernietigd en de zaak terugverwezen naar het hof Leeuwarden voor hernieuwde berechting.
Uitkomst: Arrest van het hof vernietigd wegens onvoldoende motivering vertrouwensbeginsel, zaak terugverwezen voor hernieuwde berechting.