ECLI:NL:PHR:2000:AA8258
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt nietigheid commanditaire vennootschapsovereenkomst wegens schending voorkeursrecht gemeente Alkmaar
In deze zaak heeft de gemeente Alkmaar op grond van artikel 26 van Pro de Wet voorkeursrecht gemeenten (Wvg) de nietigheid gevorderd van een commanditaire vennootschapsovereenkomst tussen Delta Onroerend Goed B.V. en Holland Blumen Markt Holland Beheer B.V. (HBM) met betrekking tot percelen binnen het voorkeursrechtgebied. De Rechtbank wees het verzoek af, maar het Hof vernietigde dit vonnis en verklaarde de overeenkomst nietig omdat HBM geen financieel risico liep en het voorkeursrecht van de gemeente werd gefrustreerd.
De Hoge Raad bevestigt het oordeel van het Hof dat de overeenkomst feitelijk neerkomt op een verkapte vervreemding van de grond tegen een gegarandeerde minimumprijs, waarbij de juridische overdracht is uitgesteld. Dit is in strijd met het voorkeursrecht van de gemeente, dat bedoeld is om de gemeente de mogelijkheid te geven de grond te verwerven met het oog op tijdige realisering van bestemmingsplannen onder haar regie.
De Hoge Raad benadrukt dat rechtshandelingen die de kennelijke strekking hebben het voorkeursrecht te ontduiken nietig kunnen worden verklaard, ook als niet concreet kan worden vastgesteld dat de bestemming daadwerkelijk vertraagd wordt. Het criterium van zelfrealisatie geldt alleen indien de eigenaar het risico draagt en zelf of met hulp van derden de bestemming realiseert. De Hoge Raad verwerpt klachten dat het oordeel van het Hof onvoldoende gemotiveerd zou zijn en bevestigt dat de belangenafweging en toetsing aan het EVRM adequaat zijn uitgevoerd.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt de nietigheid van de overeenkomst wegens schending van het voorkeursrecht van de gemeente Alkmaar.