ECLI:NL:PHR:2000:AA8407
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt ontvankelijkheid Openbaar Ministerie bij vervolging bedrijfsleider coffeeshop ondanks bestuursrechtelijke geschillen
De verdachte, bedrijfsleider van een coffeeshop in een gemeente waar het lokale beleid ten aanzien van coffeeshops verdeeldheid kende, werd door het Gerechtshof Leeuwarden veroordeeld wegens opzettelijk handelen in strijd met de Opiumwet. Hij stelde in cassatie dat het openbaar ministerie niet-ontvankelijk had moeten worden verklaard omdat hij mocht vertrouwen op het vervolgingsbeleid dat bij naleving van criteria geen strafrechtelijke vervolging zou inhouden.
Het hof had geoordeeld dat het vertrouwen van verdachte misplaatst was, omdat zowel het lokale bestuur als het openbaar ministerie duidelijk hadden gemaakt dat de exploitatie van de coffeeshop niet werd getolereerd. Ook het feit dat de bestuursrechter het bestuursrechtelijke sluitingsbevel vernietigde wegens procedurele fouten, maakte het strafrechtelijke optreden niet onrechtmatig.
De Hoge Raad bevestigde dat het hof terecht het beroep op niet-ontvankelijkheid had verworpen. De cassatiemiddelen faalden ook in hun betoog dat opzet ontbrak en dat sprake was van schulduitsluitende omstandigheden zoals noodweerexces. Het cassatieberoep werd verworpen en de veroordeling bleef in stand.
Uitkomst: De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde de veroordeling van verdachte wegens opzettelijk handelen in strijd met de Opiumwet.