ECLI:NL:PHR:2000:AA8717
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Benoeming van beide ouders als curatoren voor meerderjarige zoon met geestelijke beperkingen
In deze zaak hebben de ouders van een meerderjarige zoon met het syndroom van Crouzon verzocht om beiden tot curator te worden benoemd. De rechtbank wees dit verzoek af en benoemde slechts de vader als curator. Het hof bekrachtigde deze beslissing, stellende dat de wet slechts één curator toelaat en dat benoeming van twee curatoren complicaties met zich meebrengt.
De ouders stelden dat deze beperking in strijd is met artikel 8 EVRM Pro, dat het recht op gezinsleven beschermt. De Hoge Raad bevestigt dat er sprake is van een voortgezette zorgrelatie die het gezinsleven vormt en dat de beperking tot één curator een inbreuk op dit recht inhoudt.
De Hoge Raad oordeelt dat deze inbreuk niet gerechtvaardigd is, mede omdat het gezamenlijk curatorschap wenselijk is in het belang van de zoon en de ouders. De wetgever heeft de beperking ingevoerd om conflicten tussen curatoren te voorkomen, maar in deze situatie weegt het belang van het gezinsleven zwaarder.
De Hoge Raad stelt dat het buiten toepassing laten van de wettelijke beperking niet de rechtsvormende taak van de rechter te buiten gaat, omdat aansluiting kan worden gezocht bij bepalingen over gezamenlijk gezag en voogdij. De beschikking van het hof wordt vernietigd en beide ouders worden benoemd tot curator van hun zoon.
Uitkomst: Beide ouders worden benoemd tot curator van hun meerderjarige zoon met geestelijke beperkingen.