ECLI:NL:PHR:2000:AA9374
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Uitlevering geweigerd wegens ne bis in idem na onherroepelijke veroordeling
De Arrondissementsrechtbank Amsterdam verklaarde de uitlevering van Güçlü aan Turkije toelaatbaar wegens betrokkenheid bij invoer van cocaïne. Güçlü was echter kort tevoren door dezelfde rechtbank veroordeeld voor hetzelfde feit. Hij stelde cassatieberoep in met het middel dat uitlevering ontoelaatbaar was wegens ne bis in idem.
De Hoge Raad oordeelde dat de uitlevering aanvankelijk niet geweigerd kon worden omdat het vonnis nog niet onherroepelijk was en de straf niet ten uitvoer was gelegd. Later bleek het vonnis wel onherroepelijk te zijn geworden, waardoor uitlevering op grond van ne bis in idem niet meer is toegestaan.
De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep omdat het feitelijke uitgangspunt van een lopende strafvervolging niet meer aanwezig was. De beslissing over uitlevering ligt bij de Minister van Justitie, die rekening moet houden met de onherroepelijke veroordeling. De uitlevering moet daarom worden geweigerd.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en uitlevering wordt geweigerd wegens ne bis in idem.