ECLI:NL:PHR:2001:1
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Uitleg en toepassing van het begrip gebouw in artikel 429sexies Wetboek van Strafrecht bij ontruiming gekraakt defensiecomplex
Eiser kraakte in januari 1999 samen met anderen een voormalig defensiecomplex in de gemeente Bunnik, dat nooit een woonfunctie had. De officier van justitie liet het complex ontruimen, waarna eiser een kort geding startte om ontruiming en strafvorderlijke dwangmiddelen te verbieden. De rechtbank wees de vorderingen af, het hof bekrachtigde dit oordeel. Eiser stelde in cassatie dat het begrip 'gebouw' in art. 429sexies Wetboek van Strafrecht beperkt moet worden tot gebouwen met woonfunctie, waardoor het complex niet onder deze strafbepaling zou vallen.
De Hoge Raad onderzocht de parlementaire geschiedenis en wetsgeschiedenis van art. 429sexies WvS en concludeerde dat de wetgever bewust geen definitie van 'gebouw' heeft opgenomen en het begrip in de wet in ruime zin moet worden opgevat, niet beperkt tot woongebouwen. Dit betekent dat ook gebouwen zonder woonfunctie onder deze strafbepaling kunnen vallen. Daarnaast oordeelde de Hoge Raad dat de ontruiming niet onrechtmatig was, ook al was de officier van justitie niet tijdig op de hoogte van het kort geding. Het belang van de ontruiming woog zwaarder dan het wachten op de uitspraak in het kort geding.
De Hoge Raad verwierp voorts de klacht dat niet was voldaan aan de eis dat het gebruik door de rechthebbende niet meer dan twaalf maanden voor de kraking was geëindigd, omdat het hof dit feitelijk had vastgesteld en dit in cassatie niet kan worden getoetst. Ook de vordering tot het uitvaardigen van een richtlijn door het College van Procureurs-Generaal werd afgewezen omdat dit niet geschikt was voor toewijzing in kort geding. Het beroep van eiser werd verworpen en hij werd in de kosten veroordeeld.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt verworpen; het begrip gebouw in art. 429sexies WvS wordt ruim uitgelegd en de ontruiming was rechtmatig.