ECLI:NL:PHR:2001:AB2449
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt geldigheid onteigeningsprocedure en afwijzing hoger bod
De gemeente Echt heeft een perceel grond onteigend ten behoeve van een bestemmingsplan. De eigenaar, eiseres, stelde dat de gemeente niet serieus had onderhandeld over de aankoopprijs, mede omdat het bod lager was dan verwacht. De rechtbank oordeelde dat de gemeente wel degelijk serieus had geprobeerd het perceel in der minne te verkrijgen, ondanks een aanvankelijke verschrijving in het bodbedrag.
Eiseres was tussengekomen in het geding tussen de gemeente en een derde die als vertegenwoordiger van overleden eigenaren was aangewezen. De Hoge Raad verklaarde het cassatieberoep van eiseres niet-ontvankelijk voor zover het betrekking had op die derde, omdat medestrijders niet als tegenstanders kunnen optreden in cassatie.
De Hoge Raad bevestigde dat de gemeente aan haar onderhandelingsplicht had voldaan en dat het gecorrigeerde bod redelijk was. Het beroep van eiseres faalde en werd verworpen. Hiermee werd het vonnis van de rechtbank bekrachtigd dat de onteigening en het voorschot op schadeloosstelling rechtmatig waren vastgesteld.
Uitkomst: Het cassatieberoep van eiseres wordt afgewezen en het vonnis van de rechtbank wordt bekrachtigd.