ECLI:NL:PHR:2001:AD4585
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Verwerping cassatie tegen inbeslagname van geldbedrag wegens mogelijke verbeurdverklaring
Op 13 juni 2000 heeft de rechter-commissaris de woning van verzoeker doorzocht en een bedrag van 1.660.000 Belgische frank conservatoir inbeslaggenomen. Verzoeker klaagde tegen deze inbeslagneming en stelde dat het geld toebehoorde aan een derde partij, Safio BVBA te Antwerpen.
De rechtbank te Middelburg verklaarde het klaagschrift op 19 september 2000 ongegrond en motiveerde dat het beslag moest voortduren vanwege een mogelijke latere verbeurdverklaring. Verzoeker stelde cassatie in tegen deze beslissing, stellende dat de rechtbank ten onrechte niet op het eigendomsverweer was ingegaan.
De Hoge Raad oordeelde dat de rechtbank het juiste criterium toepaste en dat de beslissing niet onbegrijpelijk was. De motivering was voldoende gezien het summiere karakter van het onderzoek in beschikkingszaken. Het cassatiemiddel faalde en werd verworpen. Ambtshalve vond de Hoge Raad geen reden tot vernietiging.
Het belang van de strafvordering weegt zwaarder dan het eigendomsverweer, omdat het niet hoogst onwaarschijnlijk is dat de strafrechter het geld later niet zal verbeurdverklaren. Daarom blijft het beslag gehandhaafd.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en het beslag op het geldbedrag blijft gehandhaafd.