ECLI:NL:PHR:2001:ZD2629

Parket bij de Hoge Raad

Datum uitspraak
15 mei 2001
Publicatiedatum
8 april 2013
Zaaknummer
02379/00 B
Type
Conclusie
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 552a SvArt. 552b Sv
Verwijzingen
1 uitgaand · 2 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkheid beroep cassatie tegen inbeslagname Ara ararauna

Verzoeker diende een klaagschrift in tegen de inbeslagname van een Ara ararauna (blauw-gele Ara) bij een vof. Het Gerechtshof Amsterdam verklaarde dit klaagschrift op 3 mei 2000 ongegrond. Verzoeker stelde hiertegen beroep in cassatie in, maar diende geen cassatieschriftuur in.

Uit opgevraagde informatie bleek dat de strafzaak tegen de vof, waarbij de Ara inbeslag was genomen, was geëindigd in een einduitspraak. Het hof had de Ara ontrokken aan het verkeer en deze uitspraak was onherroepelijk geworden.

Gezien het feit dat de uitspraak onherroepelijk is en verzoeker geen cassatieschrift heeft ingediend, concludeert de Procureur-Generaal dat verzoeker geen belang meer heeft bij behandeling van het cassatieberoep. Daarom wordt verzoeker niet-ontvankelijk verklaard in zijn beroep.

Uitkomst: Verzoeker wordt niet-ontvankelijk verklaard in zijn cassatieberoep wegens gebrek aan belang.

Conclusie

Mr. Fokkens
Nr. 02379/00 B
Parket, februari 2001
Conclusie inzake:
[Verzoeker=klager]
Edelhoogachtbaar College,
1. Het Gerechtshof te Amsterdam heeft bij beschikking van 3 mei 2000 het namens verzoeker ingediende klaagschrift tegen de inbeslagname van een Ara ararauna (blauw-gele Ara) ongegrond verklaard.
2. Tegen die beslissing heeft verzoeker beroep in cassatie ingesteld. Er is door of namens de verzoeker geen cassatieschriftuur ingediend
3. Uit in cassatie opgevraagde informatie is gebleken dat de strafzaak tegen [de v.o.f.] (bij wie de Ara inbeslag is genomen) is geëindigd in een einduitspraak. Het hof heeft hierbij de Ara ararauna ontrokken aan het verkeer. De uitspraak is inmiddels onherroepelijk geworden zodat verzoeker belang mist bij behandeling van het cassatieberoep.
4. Ik concludeer dat verzoeker niet-ontvankelijk zal worden verklaard in zijn beroep.
De Procureur-Generaal
bij de Hoge Raad der Nederlanden,