ECLI:NL:PHR:2001:ZD2893
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Vernietiging arrest mishandeling met zwaar lichamelijk letsel wegens onvoldoende motivering
In deze zaak stond verdachte terecht voor medeplegen van mishandeling waarbij het slachtoffer zwaar lichamelijk letsel opliep, waaronder een gebroken neus en een afgebroken voortand. Het hof had verdachte veroordeeld tot een voorwaardelijke gevangenisstraf en onbetaalde arbeid, maar het oordeel over het zwaar lichamelijk letsel was onvoldoende gemotiveerd.
De Hoge Raad overwoog dat de opsomming in art. 82 Sr Pro van zwaar lichamelijk letsel niet limitatief is, maar dat het oordeel over de zwaarte van het letsel in belangrijke mate aan de feitenrechter is voorbehouden. In cassatie kan de Hoge Raad slechts ingrijpen indien uit de beslissing niets blijkt over de aard van het letsel, het medisch ingrijpen en het uitzicht op herstel.
In deze zaak ontbrak het aan voldoende gegevens over de aard van het letsel, de noodzaak en aard van medisch ingrijpen en het uitzicht op volledig herstel. Hierdoor was het oordeel van het hof dat sprake was van zwaar lichamelijk letsel niet begrijpelijk gemotiveerd.
De Hoge Raad vernietigde daarom het arrest en verwees de zaak terug naar het gerechtshof Arnhem voor hernieuwde berechting en beslissing op het bestaande hoger beroep.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering over het zwaar lichamelijk letsel en de zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde berechting.