ECLI:NL:PHR:2002:AD5773
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Beoordeling toepasselijkheid arbitragebeding bij bewaarnemingsovereenkomst en subrogatie
In deze zaak staat centraal of een arbitragebeding uit de Fenexcondities de bevoegdheid van de Rotterdamse Rechtbank belemmert om kennis te nemen van een vordering tot schadevergoeding wegens tekortkoming in een bewaarnemingsovereenkomst.
Belgamar vordert betaling wegens verlies van twee vaten kobalt die Sudamin had opgeslagen bij Albatros, de rechtsvoorganger van Emmbett. Emmbett stelt dat op de overeenkomst tussen Sudamin en Albatros de Fenexcondities van toepassing zijn, inclusief het arbitragebeding, en betwist daarmee de bevoegdheid van de rechtbank.
De rechtbank en het hof verwierpen de exceptie van onbevoegdheid. De Hoge Raad bevestigt dat tussen Sudamin en Albatros een zakelijk voorwaardenregime gold dat afweek van de Fenexcondities en dat het arbitragebeding niet automatisch op Sudamin van toepassing is. Ook is geen sprake van een rechtsgrond voor overgang van het arbitragebeding op Sudamin.
De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt daarmee de bevoegdheid van de rechtbank om de zaak te behandelen.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de rechtbank blijft bevoegd.