ECLI:NL:PHR:2002:AD9568
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt beschikking onttrekking kinderporno wegens schending verdedigingsrechten
In deze zaak ging het om een beschikking van de Rechtbank Amsterdam waarbij een vordering van de officier van justitie tot onttrekking aan het verkeer van inbeslaggenomen materiaal deels werd toegewezen. Het materiaal betrof een grote hoeveelheid videobanden, foto's en films waarvan een deel als kinderpornografie werd aangemerkt. De verdediging, namens verzoeker, voerde aan dat zij onvoldoende inzage kreeg in het beslag om adequaat verweer te kunnen voeren.
De rechtbank had de officier van justitie opgedragen het inbeslaggenomen materiaal aan verzoeker en zijn raadsvrouw te laten zien, maar de officier van justitie weigerde dit. De rechtbank oordeelde dat dit een schending van de procesorde was, maar besloot desondanks de officier van justitie niet-ontvankelijk te verklaren achterwege te laten vanwege proces-economische redenen en het maatschappelijk belang bij bestrijding van kinderporno.
De Hoge Raad oordeelde dat het recht op een eerlijk proces, zoals gewaarborgd in artikel 6 EVRM Pro, vereist dat de belanghebbende kennis kan nemen van het aan het verkeer te onttrekken materiaal om zich te kunnen verweren. De weigering van de officier van justitie om inzage te geven en het feit dat de rechtbank haar oordeel baseerde op een onderzoek waarvan de resultaten niet aan de verdediging waren voorgelegd, schonden dit recht. Daarom vernietigde de Hoge Raad de beschikking en verwees de zaak terug voor nieuwe behandeling.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt de beschikking tot onttrekking aan het verkeer wegens schending van het recht op een eerlijk proces en verwijst de zaak terug voor nieuwe behandeling.