ECLI:NL:PHR:2002:AE0466
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Beoordeling belastingvrijstelling EG-ambtenaar en tariefgroepindeling echtgenoot
De zaak betreft een geschil over de toepassing van het huurwaardeforfait, de aftrek van hypotheekrente en de tariefgroepindeling van de echtgenoot van een EG-ambtenaar. De belanghebbende werkte in Nederland en was gehuwd met een functionaris van de Europese Gemeenschappen die fiscaal werd behandeld als buitenlands belastingplichtige met een vrijgesteld salaris volgens het Protocol betreffende Voorrechten en Immuniteiten van de EG.
Het Hof 's-Gravenhage stelde de belanghebbende in het ongelijk over het eigen huis, maar gaf haar gelijk over de tariefgroepindeling. De Staatssecretaris betwistte dit laatste oordeel en stelde dat het Hof ten onrechte de absolute werking van de vrijstelling van artikel 13 Protocol Pro toepaste, waardoor het salaris van de echtgenoot geheel buiten beschouwing werd gelaten.
De Hoge Raad bespreekt uitgebreid de jurisprudentie van het Hof van Justitie van de EG en eerdere arresten van de Hoge Raad zelf. Uit deze jurisprudentie volgt dat het EG-salaris van ambtenaren absoluut vrijgesteld is van nationale belastingheffing en dat bij de heffing van inkomstenbelasting met dit inkomen geen rekening mag worden gehouden, ook niet bij de bepaling van fiscale tegemoetkomingen voor de echtgenoot.
Wel erkent de Hoge Raad dat bij bepaalde inkomensafhankelijke tegemoetkomingen, zoals het Belgische huwelijksquotiënt, geen recht bestaat indien het vrijgestelde inkomen van de EG-ambtenaar boven een wettelijk plafond ligt. Dit betekent dat de echtgenoot van een EG-ambtenaar niet automatisch aanspraak kan maken op alle nationale belastingvoordelen.
De Hoge Raad concludeert dat het Hof terecht heeft geoordeeld dat het salaris van de echtgenoot niet mag worden betrokken bij de tariefgroepindeling en bevestigt de uitspraak van de inspecteur. De 90%-regeling is hier niet van toepassing omdat het inkomen van de echtgenoot niet daadwerkelijk aan Nederlandse belastingheffing is onderworpen.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt dat het salaris van de EG-ambtenaar absoluut vrijgesteld is en dat bij de tariefgroepindeling van de echtgenoot dit inkomen moet worden betrokken, waardoor de belanghebbende niet in tariefgroep 3 kan worden ingedeeld.