ECLI:NL:PHR:2002:AE9223
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkverklaring cassatieberoep wegens gebrek aan bevoegdheid belanghebbende
Verzoekster heeft beroep in cassatie ingesteld tegen een beschikking van de rechtbank te 's-Gravenhage waarin een bezwaarschrift tot teruggave van een omgekatte automobiel gegrond werd verklaard. De vraag was of verzoekster, die niet als belanghebbende was opgetreden in de eerdere procedure, gerechtigd was cassatieberoep in te stellen.
De Hoge Raad overweegt dat op grond van artikel 55d, tweede lid, Wetboek van Strafvordering, het recht tot cassatieberoep toekomt aan de officier van Justitie en aan de klager, en volgens eerdere jurisprudentie ook aan degene aan wie de officier van Justitie mededeling heeft gedaan van zijn voornemen tot teruggave van het inbeslaggenomen voorwerp. Verzoekster trad echter niet als belanghebbende op tijdens de raadkamerzitting en ontbeerde daarom het recht tot cassatie.
De Hoge Raad benadrukt dat het toestaan van cassatieberoep door personen die anderen machtigen om namens hen op te treden, zou leiden tot inbreuk op de goede procesorde. Omdat verzoekster niet als belanghebbende was erkend en geen bewijs leverde van onbevoegde vertegenwoordiging, wordt het cassatieberoep niet-ontvankelijk verklaard.
Uitkomst: Het cassatieberoep van verzoekster wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan bevoegdheid.