ECLI:NL:PHR:2002:AE9380
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad over opzegbaarheid en uitleg van werkgelegenheidsplan Pacros bij Recticel
De zaak betreft een geschil tussen FNV en Recticel over de opzegbaarheid en uitleg van de meerij- en carpoolregeling in het werkgelegenheidsplan Pacros, dat gold voor de periode september 1995 tot en met december 1996. Recticel had de meerij-overeenkomsten met werknemers opgezegd, waarna FNV nakoming en schadevergoeding vorderde. De rechtbank oordeelde dat de regeling na drie jaar was geëxpireerd en opzegging mogelijk was, maar de Hoge Raad vernietigt dit oordeel.
De Hoge Raad stelt dat de bewoordingen van het werkgelegenheidsplan, gelezen in het licht van de gehele tekst, in beginsel van doorslaggevende betekenis zijn. De verklaring van een betrokken hoofd P&O bevestigt dat de meerij- en carpoolregeling voor onbepaalde tijd was overeengekomen zonder tijdsbeperking. De Hoge Raad wijst erop dat het niet aannemelijk is dat partijen een tijdsbeperking hebben bedoeld en dat een foutieve formulering niet ten nadele van FNV mag worden uitgelegd.
De Hoge Raad concludeert dat de opzegging van de meerij-overeenkomsten na drie jaar niet zonder meer gegrond kan zijn en vernietigt het bestreden vonnis. De zaak wordt verwezen naar een lagere rechter voor verdere behandeling. Hiermee wordt bevestigd dat de continuïteit van de werkgelegenheid en de afspraken in het werkgelegenheidsplan centraal staan.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het vonnis en bevestigt dat de meerij- en carpoolregeling niet zonder meer na drie jaar kan worden opgezegd.