ECLI:NL:PHR:2003:AF0732
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs schadelijkheid 4-MTA pillen volgens art. 174 en 175 Sr
De zaak betrof de verkoop en distributie van 4-MTA pillen, waarbij verdachte werd beschuldigd van het verkopen van een stof die schadelijk is voor het leven of de gezondheid, terwijl dit schadelijke karakter werd verzwegen (art. 174 Sr Pro). Het Hof Amsterdam sprak verdachte vrij omdat onvoldoende vaststond dat de 4-MTA pillen schadelijk waren in de strafrechtelijke zin.
Het Hof baseerde zich op deskundigenrapporten die wezen op een potentieel risico, met name door de geringe therapeutische breedte en vertraagde werking van 4-MTA, maar concludeerde dat er onvoldoende harde gegevens waren om het schadelijke karakter met voldoende zekerheid vast te stellen. Ook waren er onvoldoende gegevens over het gebruikspatroon en de omstandigheden waaronder de pillen werden gebruikt.
De Hoge Raad overwoog dat het Hof een juiste maatstaf had toegepast door te eisen dat schadelijkheid met voldoende zekerheid moet worden vastgesteld en dat het risico op schadelijkheid niet volstaat. De Hoge Raad verwierp de cassatieklachten en verklaarde het beroep van het Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk. Hiermee bleef de vrijspraak in stand.
Uitkomst: Het cassatieberoep van het Openbaar Ministerie werd niet-ontvankelijk verklaard, waardoor de vrijspraak van verdachte standhield.