ECLI:NL:PHR:2003:AF3067
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Vaststelling van schade bij beroepsfout advocaat inzake verbeurde dwangsommen
In deze zaak staat centraal of de schade die een cliënt lijdt door een beroepsfout van zijn advocaat zonder meer gelijkgesteld kan worden aan het bedrag van verbeurde dwangsommen. De advocaat had nagelaten zijn cliënt te waarschuwen voor het risico dat bij voortzetting van bedrijfsactiviteiten dwangsommen zouden worden verbeurd.
De rechtbank wees de vordering van de cliënt af, maar het hof vernietigde dit vonnis en veroordeelde de advocaat tot schadevergoeding van het bedrag van de verbeurde dwangsommen. Het hof stelde dat de advocaat aansprakelijk was voor de schade omdat hij niet had gewaarschuwd, en verwierp het verweer dat de cliënt zijn bedrijfsactiviteiten toch niet zou hebben gestaakt.
De Hoge Raad oordeelt dat het hof een onjuiste rechtsopvatting heeft gehanteerd door niet te toetsen of de schade daadwerkelijk geleden is en door geen vergelijking te maken tussen de feitelijke situatie en de hypothetische situatie waarin de advocaat correct had gehandeld. Het hof had de stelling van de advocaat dat de cliënt ook bij juiste informatie de schade niet of minder zou hebben geleden, niet als relevant mogen afdoen zonder beoordeling.
De Hoge Raad vernietigt het arrest van het hof en verwijst de zaak naar een ander hof voor verdere behandeling, waarbij de juiste toepassing van de vergelijkingsregel en motivering van de schadevaststelling moet plaatsvinden.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd en de zaak wordt verwezen naar een ander hof voor verdere behandeling.