ECLI:NL:PHR:2003:AF8264
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad arrest over mededingingsrechtelijke beoordeling van SKKM-erkenning en melkprijsinhoudingen door Campina
Deze zaak betreft de vraag of Campina handelt in strijd met artikel 6 van Pro de Mededingingswet door melk van leveranciers zonder SKKM-erkenning onder andere voorwaarden af te nemen dan melk van erkende leveranciers. De SKKM is een stichting die kwaliteitsborging voor rauwe melk regelt en waaraan vrijwel alle melkverwerkende bedrijven met een marktaandeel van 98% zijn aangesloten. Campina eist van haar leden dat zij beschikken over een SKKM-erkenning, en past inhoudingen toe op de melkprijs van niet-erkende leveranciers, wat door deze laatste als mededingingsbeperkend wordt bestreden.
De directeur-generaal van de Nederlandse Mededingingsautoriteit (d-g NMa) heeft geoordeeld dat de exclusiviteit van SKKM-melk niet is toegestaan, maar dat het gescheiden ophalen en verwerken van melk gerechtvaardigd kan zijn mits de extra kosten worden doorberekend. De rechtbank en het hof Arnhem hebben geoordeeld dat Campina door het toepassen van kortingen op melkprijzen handelt in strijd met artikel 6 Mw Pro, omdat dit feitelijk een dwingende eis tot SKKM-erkenning inhoudt en mededingingsbeperkend werkt.
De Hoge Raad stelt dat het SKKM-systeem als ketenkwaliteitssysteem toelaatbaar is en dat het gescheiden ophalen en verwerken van melk van erkende en niet-erkende bedrijven mededingingsrechtelijk niet onoirbaar is, mits de kostenverrekening in redelijke verhouding staat tot de werkelijke extra kosten. De Hoge Raad vernietigt het arrest van het hof en verwijst de zaak voor verdere beoordeling terug, waarbij het hof moet toetsen of de kortingen niet onredelijk zijn en of er daadwerkelijk sprake is van een mededingingsbeperking.
De Hoge Raad benadrukt dat parallel marktgedrag niet zonder meer gelijkstaat aan een onderling afgestemde feitelijke gedraging en dat voor een dergelijke gedraging collusie en causaal verband vereist zijn. Tevens maakt het verschil of sprake is van weigering tot afname of van kostentoerekening voor gescheiden ontvangst. De zaak bevat belangrijke overwegingen over de toepassing van artikel 6 Mw Pro en de verhouding tussen kwaliteitsborgingssystemen en mededingingsrecht.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest van het hof en verwijst de zaak terug voor nadere beoordeling van de mededingingsrechtelijke aspecten van Campina's marktgedrag.