ECLI:NL:PHR:2003:AF9442
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid voor schade door onrechtmatige opzegging samenwerkingsverband tandartsen
Partijen, tandartsen te een woonplaats, overlegden sinds 1989 over samenvoeging van hun praktijken in een medisch centrum. Na faillissement van de oorspronkelijke projectontwikkelaar en overname door een ander bedrijf, werd het centrum gebouwd en huurcontracten gesloten. Eiser trok zich in 1992 terug uit de samenwerking, waarna verweerders met orthodontisten overeenstemming bereikten over vestiging in het centrum.
De rechtbank oordeelde dat tussen partijen een overeenkomst bestond en dat eiser onrechtmatig had opgezegd, waardoor hij aansprakelijk was voor de door verweerders geleden schade. Deze schade betrof onder meer extra huurkosten, bouw van een scheidingswand en architectkosten. Het hof bekrachtigde dit oordeel en veroordeelde eiser tot betaling van een schadevergoeding.
In cassatie klaagde eiser over het oordeel van het hof dat hij aansprakelijk was voor extra kosten en vertragingen door zijn terugtreden. Het middel faalde omdat eiser onvoldoende had onderbouwd dat het hof essentiële stellingen had genegeerd. Het bewijsaanbod van eiser werd als onvoldoende gespecificeerd en mogelijk tardief beoordeeld, waardoor het niet tot cassatie leidde.
De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde het oordeel van het hof dat eiser aansprakelijk is voor de schade die verweerders door zijn onrechtmatige opzegging hebben geleden.
Uitkomst: Het cassatieberoep van eiser wordt verworpen en zijn aansprakelijkheid voor de door verweerders geleden schade bevestigd.