ECLI:NL:PHR:2003:AI0268
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad over uitleg en aansprakelijkheid garanties bij aandelenoverdracht GTW-groep
Venture Fund Rotterdam B.V. (VFR) heeft op 7 maart 1989 haar aandelen in GTW Participaties B.V. verkocht aan P&O Netherlands B.V. (P&O). In de koopovereenkomst zijn garanties opgenomen over de financiële en fiscale toestand van de GTW-groep. Na de overdracht ontdekte P&O naheffingsaanslagen wegens niet afgedragen loonbelasting, sociale premies en omzetbelasting over de periode vóór en na de overdracht.
P&O stelde VFR aansprakelijk op grond van de garanties, maar VFR voerde aan dat P&O haar niet tijdig had geïnformeerd over de aanslagen (art. 8.2 overeenkomst) en dat aanslagen na de overdracht niet onder de garanties vielen. De rechtbank wees de vorderingen af vanwege het niet bereiken van de drempel van ƒ 100.000 en het hof verwierp het verweer dat P&O te laat had geïnformeerd, omdat VFR geen schade aannemelijk had gemaakt.
De Hoge Raad oordeelt dat het hof onvoldoende rekening heeft gehouden met het volledige procesdebat, met name over de toerekening van aanslagen aan de periode vóór of na 7 maart 1989. De uitleg van art. 8.2 als een schadebeperkingsbeding is niet onjuist, maar het hof had nader onderzoek moeten doen naar de schade en de toerekening. Het arrest wordt vernietigd en de zaak terugverwezen voor verdere behandeling en beslissing.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor verdere behandeling en beslissing.