ECLI:NL:PHR:2003:AJ3209
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt uitleg koopovereenkomst en eigendomsverhouding strook grond en steeg
In deze zaak staat centraal de omvang van een strook grond die door verweerder aan eiser is verkocht en de eigendomsverhouding van een steeg tussen hun percelen. Verweerder stelt dat de in de transportakte genoemde omvang groter is dan partijen bij de koopovereenkomst voor ogen hadden, en dat de grens in het verlengde van het midden van de steeg ligt. Eiser betwist dit en stelt dat hem exact twee are grond is geleverd, die verder reikt dan het midden van de steeg.
Het Hof heeft geoordeeld dat de notariële transportakte dwingend bewijs oplevert van de verkochte omvang, maar dat tegenbewijs mogelijk is. Het Hof vond dat verweerder voldoende aannemelijk had gemaakt dat partijen een kleiner perceel bedoelden dan in de akte staat, en wees de stellingen van eiser af wegens onvoldoende onderbouwing. Daarnaast oordeelde het Hof dat de steeg massaal in mede-eigendom en onderhoud is tussen partijen, en verwierp een eigendomsverhouding van 2/3 tot 1/3.
De Hoge Raad bevestigt deze oordelen en wijst de cassatieberoepen van eiser af. De Raad benadrukt dat de uitleg van de koopovereenkomst en de transportakte objectief moet plaatsvinden, waarbij de akte dwingend bewijs is maar tegenbewijs openstaat. Ook bevestigt de Hoge Raad dat kadastrale tekeningen en oude akten geen bindend bewijs vormen voor eigendomsverhoudingen in de steeg. De uitspraak bevestigt daarmee de redelijke uitleg van de eigendom en de grenzen tussen de percelen.
Uitkomst: Hoge Raad wijst cassatieberoep af en bevestigt dat de eigendom van de strook grond wordt bepaald door de redelijke uitleg van de koopovereenkomst en dat de steeg in mede-eigendom is.