ECLI:NL:PHR:2003:AK3618
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Veroordeling medeplegen invoer en deelname criminele organisatie cocaïne
De verdachte werd door het Gerechtshof Amsterdam veroordeeld tot vijf jaar gevangenisstraf wegens medeplegen van het opzettelijk binnen Nederland brengen van ongeveer 116 kilogram cocaïne, medeplegen van voorbereidingshandelingen en deelname aan een criminele organisatie gericht op drugshandel.
De zaak betrof de invoer van cocaïne via Schiphol op 30 augustus 1999, waarbij verdachte en mededaders handelingen verrichtten gericht op vervoer, opslag en aflevering van de drugs. Het hof baseerde zijn bewijs op 86 bewijsmiddelen, waaronder afgeluisterde telefoongesprekken en observaties van politie, ook na de inbeslagneming van de cocaïne.
De verdediging voerde onder meer aan dat handelingen na de inbeslagneming niet tot het verdere vervoer konden strekken, maar de Hoge Raad oordeelde dat deze bewijsmiddelen mede redengevend konden zijn omdat zij de eerdere voorbereidingen bevestigen. Wel werd de redelijke termijn overschreden, wat leidde tot strafvermindering.
De Hoge Raad vernietigde het bestreden vonnis uitsluitend voor wat betreft de strafoplegging en beperkte de straf, terwijl het beroep voor het overige werd verworpen.
Uitkomst: Hoge Raad vermindert gevangenisstraf van vijf jaar wegens termijnoverschrijding, bevestigt bewezenverklaring medeplegen invoer cocaïne en deelname criminele organisatie.