ECLI:NL:PHR:2003:AL8429
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad over aansprakelijkheid gemeente bij bouw glastuinbouwbedrijf in strijd met bestemmingsplan
Deze zaak betreft een geschil tussen eiser en de gemeente Asten over de bouw van glastuinbouwbedrijven op grond waarvan eiser schadevergoeding vorderde wegens onrechtmatig handelen van de gemeente.
Eiser had grond gekocht en bouwplannen ontwikkeld op basis van mededelingen van de gemeente dat vestiging van bedrijven met een oppervlakte van 2 hectare mogelijk was. De gemeente had het bestemmingsplan gewijzigd en een bouwvergunning verleend, maar deze besluiten werden later door de bestuursrechter vernietigd wegens strijd met het bestemmingsplan en het 'getrapte' wijzigingsstelsel.
De rechtbank oordeelde dat eiser op eigen risico handelde door te beginnen met bouwen voordat de vergunning onherroepelijk was, tenzij de gemeente gerechtvaardigd vertrouwen had gewekt dat bezwaar of beroep niet tot vernietiging zou leiden. Het hof vernietigde de eerdere vonnissen en wees de vorderingen af, stellende dat eiser het risico had aanvaard en geen gerechtvaardigd vertrouwen kon ontlenen aan de gemeente.
De Hoge Raad bevestigt dat het hof de feiten en bewijswaardering zorgvuldig heeft beoordeeld, waaronder de brief van 19 april 1990 en verklaringen van wethouder. De Hoge Raad verwerpt de cassatieklachten en benadrukt dat de bewijswaardering en interpretatie van brieven aan de feitenrechter zijn voorbehouden.
De Hoge Raad concludeert dat eiser geen recht heeft op schadevergoeding omdat hij bewust het risico van het bouwen zonder onherroepelijke vergunning heeft genomen en geen gerechtvaardigd vertrouwen kon ontlenen aan de gemeente dat bezwaar of beroep niet tot vernietiging zou leiden.
Uitkomst: Het cassatieberoep van eiser wordt verworpen en de vorderingen worden afgewezen omdat eiser het risico van bouwen zonder onherroepelijke vergunning zelf heeft aanvaard.