ECLI:NL:PHR:2004:AO1334
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek schuldsaneringsregeling wegens gebrek aan goede trouw bij ontstaan schulden
In deze zaak staat centraal of verzoeker, ondanks aanzienlijke schulden bij de belastingdienst en het CJIB, in aanmerking kan komen voor de schuldsaneringsregeling. Verzoeker was katvanger met honderden kentekenbewijzen op zijn naam tegen een kleine vergoeding, wat leidde tot een schuld van ruim €1,2 miljoen. Hij was eerder langdurig gegijzeld vanwege zijn betrokkenheid.
De rechtbank en het hof oordeelden dat verzoeker niet te goeder trouw was bij het ontstaan van zijn schulden, een vereiste voor toelating tot de regeling op grond van artikel 288 lid 2 sub b Faillissementswet Pro. Hoewel verzoeker diverse persoonlijke omstandigheden aanvoerde, zoals zijn leeftijd, gezondheid en eerdere gijzeling, vond het hof deze onvoldoende om hem alsnog toe te laten.
De Hoge Raad bevestigt dat de goede-trouwtoets een gedragsmaatstaf is die een prognose inhoudt over het naleven van de regeling. Het hof heeft de omstandigheden voldoende betrokken en gemotiveerd beoordeeld. Het cassatieberoep wordt verworpen, waarmee het arrest van het hof in stand blijft.
Uitkomst: Het verzoek tot schuldsaneringsregeling wordt afgewezen wegens het ontbreken van goede trouw bij het ontstaan van schulden.