ECLI:NL:PHR:2004:AO1498
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Vaststelling voorwaardelijk opzet bij dodelijk geweld met pistool als slagwapen
De verdachte werd door het Gerechtshof te 's-Gravenhage veroordeeld tot tien jaar gevangenisstraf wegens doodslag, nadat hij met een pistool, dat mogelijk geladen was, het slachtoffer meerdere keren als slagwapen had geslagen, waarbij het pistool afging en het slachtoffer dodelijk werd getroffen.
De verdediging stelde onder meer dat het hof onvoldoende had gemotiveerd waarom het deskundige rapport niet nader gehoord werd en dat het hof ten onrechte voorwaardelijk opzet had aangenomen. De Hoge Raad oordeelde dat het hof de afwijzing van het verzoek tot het horen van de deskundige voldoende had gemotiveerd.
Echter, de Hoge Raad vond dat het hof onvoldoende had gemotiveerd waarom uit de feitelijke omstandigheden kon worden afgeleid dat de verdachte bewust de aanmerkelijke kans op de dood van het slachtoffer had aanvaard. De enkele omstandigheid dat het slachtoffer was overleden aan een schotwond was onvoldoende om voorwaardelijk opzet aan te nemen.
Daarom vernietigde de Hoge Raad het arrest en verwees de zaak terug naar een ander gerechtshof voor hernieuwde beoordeling van het hoger beroep, waarbij het hof opnieuw moet beoordelen of sprake is van voorwaardelijk opzet.
Uitkomst: Hoge Raad vernietigt arrest en verwijst zaak terug voor hernieuwde beoordeling van voorwaardelijk opzet.