ECLI:NL:PHR:2004:AO2777
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt weigering schadevergoeding wegens bestemmingswijziging pand door hennepkwekerij
Populierendreef, eigenaar van een pand in Rotterdam, had een brandverzekering afgesloten bij Nationale Nederlanden (NN). Na een brand in 1995 eiste Populierendreef schadevergoeding, maar NN weigerde deze op grond van een bestemmingswijziging door de aanwezigheid van een hennepkwekerij in de kelder.
De rechtbank en het hof oordeelden dat sprake was van een bestemmingswijziging in de zin van art. 293 Wetboek Pro van Koophandel, waardoor het pand aan verhoogd brandgevaar was blootgesteld. Het hof baseerde dit op rapporten en getuigenverklaringen die een professioneel opgezette hennepkwekerij bevestigden.
Populierendreef stelde dat de bewijslast onjuist was verdeeld en dat NN niet had bewezen dat de hennepkwekerij er niet al bij het aangaan van de verzekering was. De Hoge Raad verwierp deze klachten en bevestigde dat de bewijslast bij de verzekeraar ligt en dat het hof voldoende gemotiveerd had vastgesteld dat sprake was van een bestemmingswijziging met verhoogd brandgevaar.
De Hoge Raad oordeelde ook dat de aanwezigheid van een onveilige elektrische installatie als gevolg van de hennepkwekerij het verhoogde brandgevaar bevestigde. De klachten over de onderbouwing van de rapporten en de omvang van de kwekerij werden eveneens verworpen. Daarmee bleef de weigering van NN om schade te vergoeden in stand.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt dat de verzekeraar terecht de schadevergoeding weigert wegens bestemmingswijziging door hennepkwekerij met verhoogd brandgevaar.