ECLI:NL:PHR:2004:AO3859
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad over weigering uitstel betaling aanslagen rioolrecht en toetsing aan beginselen behoorlijk bestuur
Philips International B.V. heeft aanslagen rioolrecht over 1994, 1995 en 1996 betwist en verzocht om uitstel van betaling totdat de belastingrechter zou hebben beslist. De Ambtenaar van de gemeente Eindhoven weigerde uitstel van betaling, omdat de aanslagen reeds waren voldaan. Philips vorderde in rechte alsnog uitstel van betaling en terugbetaling van reeds betaalde bedragen met wettelijke rente, stellende dat de Ambtenaar onrechtmatig had gehandeld door niet op haar verzoeken te beslissen.
De rechtbank verklaarde Philips niet-ontvankelijk, het hof bekrachtigde dit, maar de Hoge Raad vernietigde het arrest en verwees de zaak terug. Bij de herbehandeling oordeelde het hof dat de brieven van Philips niet als verzoeken om uitstel van betaling konden worden opgevat en dat de Ambtenaar beleidsvrijheid had bij het al dan niet verlenen van uitstel. Philips stelde cassatieberoep in tegen deze beslissingen.
De Hoge Raad overweegt dat het hof de beleidsvrijheid van de Ambtenaar terecht heeft erkend, maar dat het hof onvoldoende heeft onderzocht of de Ambtenaar onrechtmatig heeft gehandeld door niet te beslissen op de uitstelverzoeken in de beroepsfase, mede gelet op het vertrouwensbeginsel en de Leidraad Invordering. De Hoge Raad vernietigt het arrest en verwijst de zaak naar een ander hof voor verdere behandeling en beslissing over de weigering van uitstel in de beroepsfase.
De zaak betreft de afweging tussen beleidsvrijheid van de belastingontvanger en de bescherming van de belastingplichtige tegen onzorgvuldig invorderingsbeleid, waarbij de beginselen van behoorlijk bestuur een toetssteen vormen. De Hoge Raad benadrukt dat de toetsing aan deze beginselen door de feitenrechter moet worden verricht.
De uitspraak is van belang voor de invordering van gemeentelijke belastingen en de rechtspositie van belastingplichtigen die bezwaar maken en uitstel van betaling verzoeken.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd en de zaak wordt verwezen naar een ander gerechtshof voor verdere behandeling en beslissing over de weigering van uitstel van betaling.