ECLI:NL:PHR:2004:AR2773
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Vernietiging dwangsombeschikking na vernietiging milieuvergunning in bestuursrechtelijke handhaving
Knorhof B.V. exploiteerde een varkensmestersbedrijf met een revisievergunning krachtens de Wet Milieubeheer. De Gemeente Buren stelde vast dat Knorhof de vergunningvoorwaarden overtrad door meer varkens te houden dan toegestaan en in niet-vergunde ruimtes. De gemeente legde een last tot ongedaanmaking op met een dwangsombeschikking en later bestuursdwang.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State vernietigde de vergunning van 27 april 1999 wegens motiveringsgebreken, waarna de gemeente een nieuwe vergunning verleende. Knorhof verzette zich tegen de invordering van dwangsommen die waren opgelegd op basis van de inmiddels vernietigde vergunning.
De Hoge Raad oordeelt dat vernietiging van een besluit in principe terugwerkende kracht heeft, waardoor de rechtsgevolgen van dat besluit vervallen. De aanspraak op dwangsommen die verbonden zijn aan overtreding van de vernietigde vergunning vervalt daarmee ook. Het hof had ten onrechte geoordeeld dat de dwangsombeschikking ondanks de vernietiging van de vergunning standhield. De Hoge Raad vernietigt het arrest en bepaalt dat de aanspraak op dwangsommen niet kan worden gehandhaafd na vernietiging van de vergunning waarop zij berustten.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest en bepaalt dat de aanspraak op dwangsommen vervalt na vernietiging van de vergunning.