ECLI:NL:PHR:2004:AR6362
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Beperking vervangende hechtenis bij schadevergoedingsmaatregelen in samenloop van strafzaken
Verdachte is door het Gerechtshof Arnhem veroordeeld tot vijf jaar gevangenisstraf voor diverse misdrijven waaronder medeplegen van oplichting, opzetheling, deelname aan een criminele organisatie en vuurwapenmisdrijven. Daarnaast zijn schadevergoedingsmaatregelen opgelegd aan verschillende benadeelde partijen, met voor elk bedrag een subsidiere vervangende hechtenis bij niet-betaling.
De Hoge Raad behandelt het cassatieberoep waarin onder meer wordt geklaagd over de overschrijding van de redelijke termijn en de duur van de opgelegde vervangende hechtenis. De Hoge Raad oordeelt dat de overschrijding van de redelijke termijn voldoende gecompenseerd is doordat uitspraak binnen zestien maanden na cassatieberoep is gedaan.
Verder wordt geoordeeld dat het hof ten onrechte meer dan één jaar vervangende hechtenis heeft opgelegd bij samenloop van de schadevergoedingsmaatregelen, wat in strijd is met art. 60a jo. 24c Sr. De Hoge Raad vermindert daarom zelf de duur van de vervangende hechtenis tot het wettelijk maximum van één jaar. De overige middelen worden verworpen.
Uitkomst: De Hoge Raad vermindert de vervangende hechtenis tot het wettelijk maximum van één jaar en verwerpt het cassatieberoep voor het overige.