ECLI:NL:PHR:2005:AS2026
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid en schadeverdeling bij aanrijding op verkeerslichtenkruising tussen bromfiets en auto
Op 5 april 1999 vond op een verkeerslichtenkruising in Tilburg een aanrijding plaats tussen een bromfietser en een auto. Beide bestuurders verklaarden bij groen licht de kruising te zijn opgereden. De bromfietser liep letsel en schade op en vorderde schadevergoeding van de verzekeraar van de autobestuurder.
De rechtbank oordeelde dat de autobestuurder onrechtmatig handelde door de kruising op te rijden zonder zich te vergewissen dat deze vrij was, ondanks een normaal werkende verkeerslichteninstallatie en waarschuwingsborden. De rechtbank wees het beroep op eigen schuld van de bromfietser af.
Het hof bevestigde de onrechtmatigheid van de autobestuurder, maar kende mede eigen schuld toe aan de bromfietser omdat beide partijen de kruising opreden zonder zich ervan te vergewissen dat deze vrij was. Het hof bepaalde de aansprakelijkheid op 60% voor de autobestuurder en 40% voor de bromfietser, waarbij rekening werd gehouden met de kwetsbaarheid van de bromfietser.
De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep van de verzekeraar en bevestigde het oordeel van het hof. Het hof had terecht geoordeeld dat de autobestuurder onrechtmatig handelde en dat de bromfietser mede eigen schuld droeg. De billijkheidscorrectie vanwege de kwetsbaarheid van de bromfietser werd als juist beoordeeld.
Uitkomst: De autobestuurder is voor 60% aansprakelijk en de bromfietser voor 40% eigen schuld, met vergoeding van 60% van de schade door de verzekeraar van de autobestuurder.