ECLI:NL:PHR:2005:AS5433
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt veroordeling wegens onjuiste uitleg artikel 11 Wet vervoer gevaarlijke stoffen
In deze zaak stond centraal of het parkeren van een voertuig geladen met gevaarlijke stoffen binnen de bebouwde kom valt onder het verbod van artikel 11 van Pro de Wet vervoer gevaarlijke stoffen (Wvgs). Het hof had geoordeeld dat het parkeren binnen de bebouwde kom een overtreding van artikel 11 opleverde Pro, omdat het niet vermijden van de bebouwde kom door degene die gevaarlijke stoffen vervoert strafbaar is. De verdediging voerde aan dat artikel 11 Wvgs Pro alleen ziet op het daadwerkelijk vervoeren en niet op parkeren of laten staan van voertuigen.
De Hoge Raad overwoog uitgebreid dat artikel 11 Wvgs Pro strikt moet worden uitgelegd en dat het begrip 'vervoeren' niet het parkeren of laten staan van voertuigen omvat. Dit volgt uit de tekst en systematiek van de wet, waarin expliciet onderscheid wordt gemaakt tussen vervoeren en laten staan. Ook de parlementaire geschiedenis en internationale regelgeving ondersteunen deze uitleg. De uitzondering in artikel 11, tweede lid, onder b, die ziet op het ontbreken van een redelijke route buiten de bebouwde kom, geldt alleen voor het rijden naar een bestemming en niet voor parkeren.
De Hoge Raad vernietigt daarom het arrest van het hof en verwijst de zaak terug. Wel merkt de Hoge Raad op dat parkeren van voertuigen met gevaarlijke stoffen binnen de bebouwde kom niet per definitie verboden is, mits aan de voorschriften van de uitvoeringsregelingen, waaronder het ADR, wordt voldaan. Overtredingen van die voorschriften kunnen strafbaar zijn op grond van artikel 5 Wvgs Pro. De middelen van cassatie slagen, en het hof heeft ten onrechte het verweer verworpen dat parkeren niet onder artikel 11 valt Pro.
Uitkomst: Hoge Raad vernietigt het arrest en oordeelt dat artikel 11 Wvgs niet ziet op parkeren van voertuigen met gevaarlijke stoffen binnen de bebouwde kom.