ECLI:NL:PHR:2006:AU7125
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Bevestiging moordveroordeling ondanks psychotisch depressief ziektebeeld en voorbedachte raad
In deze zaak heeft het Gerechtshof te 's-Hertogenbosch het vonnis van de Rechtbank te Roermond bevestigd waarbij verdachte is veroordeeld voor moord. Het hof legde een gevangenisstraf van acht jaren op. Verdachte leed aan een psychotisch depressief ziektebeeld met een ontrouwwaan jegens zijn echtgenote.
De verdediging voerde aan dat het ziektebeeld onverenigbaar was met het vereiste van kalm beraad en rustig overleg voor voorbedachte raad. Het hof verwierp dit verweer en oordeelde dat verdachte tijd had gehad zich te beraden op zijn daad. Het handelen was niet het gevolg van een ogenblikkelijke heftige gemoedsbeweging, maar van een weloverwogen besluit.
De Hoge Raad oordeelde dat het hof geen onjuiste rechtsopvatting had en dat het oordeel toereikend was gemotiveerd. Ook het motiveringsvoorschrift van art. 359, zevende lid Sv werd naar het oordeel van de Hoge Raad voldoende nageleefd. De straf van acht jaren gevangenisstraf was niet zwaarder dan de eis en werd bevestigd.
De conclusie van de Procureur-Generaal bij de Hoge Raad strekte tot verwerping van het cassatieberoep.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt de moordveroordeling en de gevangenisstraf van acht jaren ondanks het psychotisch depressief ziektebeeld van verdachte.