ECLI:NL:PHR:2006:AU8179
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Toestemming tot tenuitvoerlegging Duitse verstekvonnis kinderalimentatie onder EEX-Verordening
In deze zaak staat centraal of een Duitse verstekvonnis inzake kinderalimentatie ten uitvoer kan worden gelegd in Nederland op grond van de EEX-Verordening. De partijen, ex-echtgenoten met een minderjarige dochter, waren het oneens over de uitvoering van alimentatieverplichtingen. De vrouw verzocht om verlof tot tenuitvoerlegging van een Duitse uitspraak die een verhoging van de kinderalimentatie oplegde.
De man betwistte dit verlof, stellende dat de Duitse uitspraak strijdig was met een eerdere Nederlandse uitspraak en de openbare orde. De rechtbank Almelo wees het bezwaar af en verleende het verlof. De man ging in hoger beroep, maar ook dit werd ongegrond verklaard.
De Hoge Raad bevestigt dat de Duitse uitspraak uitsluitend ziet op een verhoging van de kinderalimentatie boven het convenant en niet op achterstallige partner- of kinderalimentatie. De klachten van de man dat de uitspraak strijdig zou zijn met eerdere beslissingen en dat de tenuitvoerlegging geweigerd zou moeten worden, worden verworpen. Het cassatieberoep wordt afgewezen.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en het verlof tot tenuitvoerlegging van de Duitse verstekvonnis wordt bevestigd.