3. Een fotokopie van een proces-verbaal met nummer PL278C/00-009495 van 27 februari 2000, opgemaakt door de bevoegde opsporingsambtenaren A.L.J. de Bree, G. de Weijs, G.A. Buist, J.H. Steenge en D.A.S. Thone, dossier paragraaf 0.5.2.
Dit proces-verbaal houdt in, voorzover van belang en zakelijk weergegeven, als mededeling van verbalisant of één of meer van hen:
Op 24 februari 2000 werd door personeel van het Sluisteam op de luchthaven Schiphol in de transitlounge een observatie gehouden op de afstappende passagiers van de vlucht KL161O, komende van Istanbul. Wij, De Weijs en Buist, zagen twee mannen met Noordafrikaans/ Marokkaans uiterlijk, afkomstig van bovengenoemde vlucht, waaronder, naar later bleek, [betrokkene 1], gekleed in een blauwe jas met het opschrift "Adidas". Wij zagen dat hij plaatsnam in de transitlounge terminal 3, nabij het reclame-object "Marlboro tas". Ik, De Weijs, zag dat een mij onbekende man, gekleed in een zwarte jas, naar later bleek, [medeverdachte 3], via de personeelsdoorgang de transitlounge binnenliep. Ik, De Weijs, zag dat ter hoogte van "de Marlboro tas" de man in de zwarte jas, [medeverdachte 3], een handgebaar maakte in de richting van [betrokkene 1]. Ik zag dat [medeverdachte 3] in het gezelschap was van een mij onbekende man, eveneens gekleed in een zwarte jas. Na ongeveer 10 minuten zag ik, De Weijs, dat [medeverdachte 3] [betrokkene 1] een gebaar gaf hem te volgen. [Betrokkene 1] stond op en liep achter [medeverdachte 3] aan. [Medeverdachte 3] liep vervolgens vanuit de transitlounge in de richting van de G-pier, op ongeveer tien meter gevolgd door [betrokkene 1]. Gekomen aan het einde van de loopbanden liep [medeverdachte 3] terug in de richting van de transitlounge, nog steeds op een tiental meters gevolgd door [betrokkene 1]. Ik, De Weijs, zag dat [medeverdachte 3] bij de transitlounge sprak met een mij onbekende man in een zwarte jas met een Noordafrikaans uiterlijk. Wij, De Weijs en Buist, zagen dat [medeverdachte 3] de transitlounge terminal 3 inliep en ter hoogte van "de Marlboro tas" met een handbeweging [betrokkene 1] duidelijk maakte dat hij weer plaats moest nemen op de bankjes nabij dit reclame-object. Omstreeks 14.30 uur zag ik, De Bree, dat [medeverdachte 3] in het bezit was van een Schipholtoegangspas. Ik zag dat [medeverdachte 3] sprak met een mij onbekende man in een zwarte jas. Wij, De Bree, Steenge en Thone, zagen dat [betrokkene 1] de toiletgroep in de transitlounge terminal 3 inliep. Ik, De Bree, zag dat [medeverdachte 3] eveneens de toiletgroep binnenliep. Wij, Steenge en Thone, zagen dat beiden weer naar buiten kwamen en richting de personeelsdoorgang liepen, die vanuit de transitlounge terminal 3 (airside) toegang geeft tot de vertrekhal terminal 3 (landside). Ik, De Bree, zag dat [medeverdachte 3] middels een toegangspas de personeelsdoorgang activeerde en de transitlounge verliet. Wij, De Bree en Thone, zagen dat [betrokkene 1] middels een Schipholtoegangspas de personeelsdoorgang activeerde en achter [medeverdachte 3] aan de transitlounge verliet en de vertrekhal terminal 3 inliep. Wij zagen dat [medeverdachte 3] gevolgd door [betrokkene 1] het stationsgebouw van terminal 3 verliet. Wij zagen dat [medeverdachte 3] en [betrokkene 1] in de richting liepen van het Skyportgebouw, gelegen aan de Havenmeesterweg. Ik, De Bree, zag dat [medeverdachte 3] en [betrokkene 1] op een aan de Havenmeesterweg geparkeerd staande Volkswagen Golf toeliepen. Ik zag dat uit deze auto een mij onbekende man, naar later bleek [medeverdachte 2], stapte. [Medeverdachte 2] sprak met [medeverdachte 3] waarop [medeverdachte 3] en [betrokkene 1] achter in de auto stapten en [medeverdachte 2] voorin.