ECLI:NL:PHR:2006:AV9391
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Beoordeling uitsluiting hoger beroep bij onverwijlde inbezitneming krachtens Deltawet grote rivieren
Deze zaak betreft een geschil tussen het Waterschap Rivierenland en een perceeleigenaar over de rechtmatigheid van de last tot onverwijlde inbezitneming van grondpercelen op grond van de Deltawet grote rivieren (Dgr.). Het Waterschap had de percelen in bezit genomen voor dijkversterkingswerken en een schadeloosstelling aangeboden die de eigenaar niet accepteerde.
De eigenaar vorderde onder meer betaling van schadeloosstelling en teruglevering van niet-noodzakelijke gedeelten van de grond. Na een deskundigenonderzoek stelde de rechtbank de schadeloosstelling vast, waarna het hof het hoger beroep van de eigenaar niet-ontvankelijk verklaarde wegens uitsluiting van hoger beroep op grond van de Onteigeningswet en de Deltawet grote rivieren.
De Hoge Raad bevestigt dat de Deltawet grote rivieren verwijst naar de Onteigeningswet, waarin hoger beroep tegen onteigeningsvonnissen is uitgesloten en slechts cassatie openstaat. Dit systeem geldt ook voor de beoordeling van de rechtmatigheid van de last tot inbezitneming en de hoogte van de schadevergoeding. De uitsluiting van hoger beroep is niet in strijd met het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM), aangezien de burgerlijke rechter voldoende rechtsbescherming biedt en het recht op effectieve toegang tot de rechter niet wordt aangetast.
De Hoge Raad wijst erop dat de Deltawet grote rivieren een bijzondere spoedeisende situatie betrof, waarin snelle uitvoering van dijkversterkingen noodzakelijk was. Het stelsel van rechtsbescherming is zodanig ingericht dat bezwaar tegen het planvaststellingsbesluit mogelijk is bij de bestuursrechter en geschillen over de last tot inbezitneming bij de burgerlijke rechter, met cassatie als rechtsmiddel. De cassatieprocedure waarborgt de rechtsbescherming zonder onnodige vertraging.
Het cassatieberoep van de eigenaar wordt verworpen, waarmee de uitsluiting van hoger beroep in deze context wordt bevestigd.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen; hoger beroep is uitgesloten en slechts cassatie openstaat tegen vonnissen over onverwijlde inbezitneming op grond van de Deltawet grote rivieren.