ECLI:NL:PHR:2006:AW4483
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid cassatieberoep tegen beschikking DNA-profielverwerking veroordeelde
De zaak betreft een cassatieberoep tegen een beschikking van de rechtbank Maastricht die het bezwaarschrift van een veroordeelde tegen het bepalen en verwerken van zijn DNA-profiel ongegrond verklaarde. De officier van justitie had eerder bevolen celmateriaal af te nemen voor DNA-onderzoek conform de Wet DNA-onderzoek bij veroordeelden.
De veroordeelde had binnen de wettelijke termijn een bezwaarschrift ingediend, maar de rechtbank wees dit af. Vervolgens stelde een advocaat cassatie in tegen deze beslissing, zonder nadere middelen van cassatie te formuleren.
De Hoge Raad oordeelt dat artikel 7 van Pro de Wet DNA-onderzoek bij veroordeelden geen rechtsmiddel openstelt tegen de beschikking op het bezwaarschrift. Dit betekent dat hoger beroep of cassatie tegen deze beschikking niet mogelijk is. Daarom wordt het cassatieberoep niet-ontvankelijk verklaard.
Deze uitspraak verduidelijkt de rechtspositie van veroordeelden met betrekking tot het DNA-onderzoek en bevestigt de beperkte mogelijkheden tot rechtsmiddelen tegen besluiten over DNA-profielverwerking.
Uitkomst: Het cassatieberoep tegen de beschikking op het bezwaarschrift tegen DNA-profielverwerking wordt niet-ontvankelijk verklaard.