ECLI:NL:PHR:2006:AX9175
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt uitspraak uitleveringszaak wegens onvoldoende motivering identiteit opgeëiste persoon
In deze uitleveringszaak betrof het geschil de vaststelling van de identiteit van de opgeëiste persoon. De rechtbank had de uitlevering ontoelaatbaar verklaard omdat zij vond dat het door de dactyloscopisch deskundige opgemaakte proces-verbaal onvoldoende duidelijkheid verschafte over de gehanteerde onderzoeksmethode en de toepassing van de Forensisch Technische Normen, met name de twaalfpuntenregel.
De verdachte ontkende de opgeëiste persoon te zijn en gaf een andere identiteit op. De officier van justitie overhandigde een proces-verbaal van een deskundige die concludeerde dat de vingerafdrukken identiek waren, maar de rechtbank vond dat onvoldoende gemotiveerd omdat niet duidelijk was of de normen waren gevolgd.
De Hoge Raad oordeelt dat de rechtbank een verkeerde uitleg gaf aan de Forensisch Technische Normen en dat de conclusie van de deskundige dat de signalementen identiek zijn zonder toepassing van de twaalfpuntenregel tot identificatie leidt. De Hoge Raad vernietigt daarom het vonnis en bepaalt dat de zaak inhoudelijk moet worden behandeld, waarbij de opgeëiste persoon zal worden opgeroepen om te verschijnen.
Uitkomst: Het arrest van de rechtbank wordt vernietigd en een datum voor feitelijke behandeling vastgesteld.