ECLI:NL:PHR:2006:AY4029
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Afwijking van hoofdregel huwelijksgoederengemeenschap wegens bijzondere omstandigheden woning
Partijen zijn gehuwd in algehele gemeenschap van goederen, waarbij de vrouw een woning bezat die zij vóór het huwelijk met haar kinderen bewoonde. Beide partijen gingen uit van Frans huwelijksvermogensrecht, waarin de woning buiten gemeenschap blijft. Pas later bleek dat de woning volgens Nederlands recht in de gemeenschap viel.
De vrouw verzocht de gemeenschap op te heffen en wilde de woning buiten verdeling houden. De rechtbank wees dit af, maar het hof stelde de vrouw in het gelijk op basis van redelijkheid en billijkheid, gezien het ontbreken van financiële bijdrage van de man en het risico dat vrouw en kinderen de woning zouden moeten verlaten.
De man kwam in cassatie tegen het arrest, maar de Hoge Raad verwierp zijn middel. De Hoge Raad bevestigde dat afwijking van de hoofdregel van art. 1:94 BW Pro in zeer uitzonderlijke gevallen mogelijk is en dat het hof terecht oordeelde dat de woning buiten de gemeenschap valt vanwege bijzondere omstandigheden en wederzijdse dwaling over het toepasselijke recht.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt dat de woning buiten de huwelijksgoederengemeenschap valt vanwege bijzondere omstandigheden en redelijkheid en billijkheid.