ECLI:NL:PHR:2007:AU8199
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Geen recht op terugbetaling douanerechten wegens niet aannemelijk gemaakte inkoopcommissie
In deze zaak vordert X1 B.V. terugbetaling van douanerechten die zijn geheven bij invoer van schoenen afkomstig uit China. Belanghebbende stelt dat bij de vaststelling van de douanewaarde ten onrechte geen rekening is gehouden met een vermindering van 4% vanwege een inkoopcommissie die betaald zou zijn aan D Inc., een inkoopagent die diensten verricht voor Overland.
De Douanekamer oordeelde dat belanghebbende niet aannemelijk had gemaakt dat de leverancier een lagere prijs had bedongen of dat D namens Overland optrad bij de aankoop van de goederen. Uit de distributie- en licentieovereenkomst bleek dat D diensten verrichtte voor A en niet direct voor Overland. Ook was de inkoopcommissie niet afzonderlijk te onderscheiden van de betaalde prijs, zodat deze niet buiten de douanewaarde kon worden gelaten.
Belanghebbende stelde in cassatie dat de Douanekamer buiten de rechtsstrijd was getreden en onvoldoende rekening had gehouden met ingebrachte bewijsstukken, waaronder een uitspraak van het VAT and Duties Tribunal in het Verenigd Koninkrijk. De Hoge Raad oordeelde dat de Douanekamer inderdaad enkele feitelijke oordelen buiten de rechtsstrijd had genomen, maar dat dit niet tot cassatie leidt omdat het fundamentele oordeel dat belanghebbende de bewijslast niet had voldaan, niet met vrucht is bestreden.
Het derde middel, gericht op de uitleg van artikel 250 CDW Pro, faalt eveneens. De Hoge Raad concludeert dat de Douanekamer terecht heeft geoordeeld dat geen recht op terugbetaling van douanerechten bestaat. Het beroep wordt ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en het recht op terugbetaling van douanerechten wordt afgewezen.