ECLI:NL:PHR:2007:AZ7608
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt dat leverancier niet met holding maar met dochtervennootschap contracteerde
De zaak betreft een geschil tussen Copaco, leverancier van computerproducten, en Ceylon Holding, de moedermaatschappij van het gefailleerde Ceylon Automatisering. Copaco vorderde betaling van onbetaalde facturen, stellende dat zij met Ceylon Holding had gecontracteerd. De rechtbank en het hof oordeelden dat de contractuele relatie bestond met Ceylon Automatisering, niet met de holding, mede gelet op het gebruikte briefpapier, facturering aan de voortgezette onderneming CCC en het ontbreken van bewijs dat levering aan de holding was overeengekomen.
Copaco stelde in cassatie dat het gebruik van het KvK-nummer van de holding op het briefpapier en de positie van de directeur/aandeelhouder aanleiding gaf te veronderstellen dat met de holding was gecontracteerd. De Hoge Raad verwierp deze stellingen, bevestigde dat het KvK-nummer op briefpapier niet doorslaggevend is voor de contractspartij en dat het hof terecht oordeelde dat Copaco met Ceylon Automatisering had gecontracteerd.
De Hoge Raad wees erop dat Copaco onvoldoende bewijs had geleverd van de stelling dat zij slechts met de holding zaken wilde doen vanwege kredietverzekeringsbeperkingen. Het cassatieberoep werd verworpen, waarmee het arrest van het hof van 14 april 2005 in stand bleef.
Uitkomst: Het cassatieberoep van Copaco wordt verworpen; de overeenkomst was met Ceylon Automatisering en niet met Ceylon Holding.