ECLI:NL:PHR:2007:AZ8349
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt arrest wegens onvoldoende bewijs voorhanden hebben en onttrekking aan het verkeer
De Hoge Raad heeft op 3 april 2007 het arrest van het hof Amsterdam vernietigd in een zaak waarin verdachte werd veroordeeld voor opzetheling en handelen in strijd met de Wet wapens en munitie. Het hof had bewezen verklaard dat verdachte op 1 juli 2003 verschillende gestolen goederen, waaronder horloges, camera's, parfumerieartikelen en computers, voorhanden had, terwijl hij wist dat deze van misdrijf afkomstig waren. Daarnaast werden patronen en een patroonhouder aangetroffen en twee nepvuurwapens.
De Hoge Raad oordeelde dat het bewijs onvoldoende was om aan te nemen dat verdachte feitelijke zeggenschap had over de horloges en meerdere computers, behalve één laptop die op straat was gekocht. Ook was niet duidelijk waar de patronen waren aangetroffen en of verdachte daarvan op de hoogte was. Het hof had niet gemotiveerd waarom het afweek van het onderbouwde standpunt van verdachte dat hij geen kennis had van de patronen en patroonhouder. Verder was de onttrekking aan het verkeer van de nepvuurwapens onterecht omdat het hof deze feiten niet strafbaar achtte en niet had aangegeven welk strafbaar feit hiermee samenhing.
De Hoge Raad stelde ook vast dat de strafzaak niet binnen de redelijke termijn was afgerond, wat aanleiding gaf tot strafvermindering. Gezien deze gebreken werd het arrest vernietigd en de zaak terugverwezen naar het hof Amsterdam voor een nieuwe behandeling. De conclusie benadrukt dat voorhanden hebben vereist dat de verdachte feitelijke zeggenschap heeft over de goederen en dat onttrekking aan het verkeer alleen kan worden bevolen als er een strafbaar feit is vastgesteld dat verband houdt met de voorwerpen.
Uitkomst: Het arrest van het hof Amsterdam is vernietigd en de zaak is terugverwezen voor hernieuwde behandeling wegens onvoldoende bewijs en onjuiste toepassing van onttrekking aan het verkeer.