ECLI:NL:PHR:2007:BA2167
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt ontvankelijkheid OM ondanks discussie over anonieme getuigen in XTC-zaak
In deze strafzaak stond de ontvankelijkheid van het openbaar ministerie centraal, mede vanwege de weigering van de OvJ om niet bij naam bekende politie-infiltranten als getuigen zonder voorafgaand verhoor door de rechter-commissaris ter terechtzitting op te roepen. De rechtbank verklaarde de OvJ niet-ontvankelijk, maar het hof vernietigde dit vonnis en stelde de OvJ ontvankelijk, waarna de zaak werd terugverwezen.
De Hoge Raad oordeelde dat het middel tegen het oordeel van het hof niet slaagt, omdat het onderzoek ter terechtzitting waarop het hof zijn oordeel baseert, niet meer de kwestie van het horen van de anonieme getuigen betrof. Het hof had het verweer op basis van de eerdere gang van zaken terecht kunnen verwerpen. Daarnaast werd het beroep op schending van de redelijke termijn verworpen, omdat de procedure complex was en de verdachte mede voor vertraging zorgde.
Ten aanzien van het bewijs werd vastgesteld dat de verdachte op 19 september 2000 circa 584 XTC-pillen met het Mitsubishi-logo opzettelijk heeft verkocht. Dit bleek uit verklaringen, inbeslagname van pillen en bankbiljetten, deskundigenrapporten van het NFI en afgeluisterde telefoongesprekken. De verdachte gaf tegenstrijdige verklaringen over het doel van de ontmoeting, die het hof niet geloofwaardig achtte. Het cassatieberoep werd verworpen.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt de ontvankelijkheid van het openbaar ministerie en veroordeelt verdachte tot zes maanden gevangenisstraf, waarvan drie voorwaardelijk, voor de verkoop van circa 584 XTC-pillen.