ECLI:NL:PHR:2007:BA2715
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Vaststellingsovereenkomst WOZ-waarde windmolenpark en toepasselijkheid op aanslagperiode
Belanghebbende, X C.V., betwistte de WOZ-waardebepaling van haar windmolenpark, waarvoor een vaststellingsovereenkomst met de gemeente Q was gesloten. Deze overeenkomst bepaalde een voorlopige waarde per turbine voor onroerende-zaakbelasting, maar liet onduidelijkheid over de toepassingsduur en relatie tot de Wet WOZ.
Het hof oordeelde dat de overeenkomst ook gold voor de WOZ-waardebeschikking van 1997, ondanks dat de overeenkomst was gesloten vóór het eerste WOZ-tijdvak en geen expliciete einddatum bevatte. Belanghebbende stelde in cassatie dat het hof ten onrechte had geoordeeld dat de overeenkomst onbegrensd in tijd was en dat deze slechts voor één aanslag gold.
De Hoge Raad concludeert dat het hof onvoldoende gemotiveerd heeft waarom de overeenkomst onbegrensd zou zijn en waarom zij voor meerdere aanslagen zou gelden, mede omdat de briefwisseling en formuleringen van partijen ook anders kunnen worden uitgelegd. Daarom vernietigt de Hoge Raad het arrest en verwijst de zaak naar een ander gerechtshof voor volledige behandeling.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd en de zaak wordt verwezen voor volledige behandeling.