ECLI:NL:PHR:2007:BA6415
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Beperking verrekening dividendbelasting voor partieel buitenlandse belastingplichtigen bevestigd
Belanghebbende, die sinds 1994 in Nederland woont en werkt, heeft gekozen voor de partiële buitenlandse belastingplicht voor zijn inkomen uit sparen en beleggen. Hij vorderde de verrekening van dividendbelasting over 2002, waarvan een deel na 22 juli 2002 was ingehouden. De inspecteur verrekende slechts het deel vóór die datum.
Het Hof Amsterdam oordeelde dat belanghebbende voor toepassing van artikel 9.2, lid 7, Wet IB 2001 als buitenlands belastingplichtige moet worden aangemerkt en dat de beperking van de verrekening van dividendbelasting ook voor hem geldt. Het beroep van belanghebbende werd ongegrond verklaard.
In cassatie betoogde belanghebbende dat de beperking niet op hem van toepassing is omdat hij slechts partieel buitenlands belastingplichtig is. De Hoge Raad verwierp dit en bevestigde dat artikel 9.2, lid 7, Wet IB 2001 ook geldt voor partieel buitenlandse belastingplichtigen. De beperking is in overeenstemming met de tekst, doel en strekking van de wet en de achtergrond van de 30%-regeling.
De Hoge Raad verklaarde het cassatieberoep ongegrond en bevestigde daarmee het oordeel van het Hof.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt dat de beperking van de verrekening van dividendbelasting ook geldt voor partieel buitenlandse belastingplichtigen.