ECLI:NL:PHR:2008:BC1340
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt vrijspraak wegens onvolledige motivering omtrent kennis ongeldig rijbewijs
Verdachte werd ten laste gelegd dat hij op 13 maart 2005 een motorrijtuig bestuurde terwijl hij wist of redelijkerwijs moest weten dat zijn rijbewijs ongeldig was verklaard. De rechtbank veroordeelde verdachte, maar het hof sprak hem vrij omdat de verklaring van verdachte tegenover de politie geen ondubbelzinnige bekentenis van die wetenschap zou zijn.
De Hoge Raad oordeelt dat het hof onvoldoende heeft gemotiveerd waarom het subsidiaire feit, dat verdachte redelijkerwijs moest weten dat zijn rijbewijs ongeldig was, niet bewezen zou zijn. Het hof heeft dit aspect niet uitdrukkelijk overwogen, waardoor de motivering onbegrijpelijk is.
De Hoge Raad wijst het cassatiemiddel toe, vernietigt het arrest en verwijst de zaak terug naar het hof voor een nieuwe beoordeling. De conclusie benadrukt dat het hof niet verplicht was verdachte te horen over de betekenis van zijn verklaring tijdens de terechtzitting.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde beoordeling.